Arresten Europees Hof van Justitie

Gelijke beloning is ook een Europees onderwerp. In het EG-verdrag is het recht op gelijke beloning geregeld. Hieronder vind je een aantal belangrijke arresten van het Europese Hof van Justitie. De volledige tekst van de uitspraken is te vinden op www.curia.eu.int

Cadman

Opnieuw heeft het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen uitspraak gedaan in een zaak over gelijke beloning (art. 141 VEG). Mevrouw Cadman, inspecteur bij de Britse Arbeidsinspectie, was van mening dat zij in vergelijking met haar mannelijke collegae in dezelfde loonschaal aanzienlijk minder verdiende (zaak C-17/05, Cadman tegen H&SE, uitspraak 3 okt. 2006). Het vigerende beloningsysteem hield rekening met de lengte van het dienstverband, waarvan vast staat dat het disproportioneel nadeliger is voor vrouwen dan voor mannen. Niettemin herhaalt het Hof de bestaande jurisprudentie (i.h.b. Danfoss, C-109/88) die zegt dat beloning gebaseerd op ervaring een objectief gerechtvaardigd systeem is en dat daarbij het gebruik van de duur van het dienstverband een aangewezen middel is. De werkgever behoeft het gebruik van dit beloningssysteem niet speciaal te rechtvaardigen, tenzij de werknemer bewijs aandraagt dat reden geeft tot ernstige twijfel of het gebruik van dit systeem onder de omstandigheden van het geval aangewezen is voor het beoogde doel. Lees over actie van de Engelse vakbonden

Defrenne

In elke rechtszaak kan een beroep worden gedaan op het beginsel van gelijke beloning op grond van geslacht, zoals neergelegd in het EG-Verdrag. Ook in gevallen waaarin verboden onderscheid voortvloeit uit wettelijke regelingen of collectieve arbeidsovereenkomsten. Daarnaast bijvoorbeeld in gevallen van ongelijke beloning van mannen en vrouwen voor gelijke arbeid wanneer deze in eenzelfde onderneming wordt verricht. Op de rechtstreekse werking van artikel 119 (oud) 141 (nieuw) kan een beroep worden gedaan vanaf de datum van dit arrest: 8 april 1976. (43/75, 8 april 1976, Defrenne II, Rechtstreekse werking, EG-bepalingen gelijk loon)

Macarthys/Smith

Voorganger mag maatman zijn. Het beginsel van gelijke beloning is van toepassing in een geval waarin een vrouwelijke werknemer een lagere beloning ontvangt dan een mannelijke werknemer die vóór de aanstelling van het vrouwelijke personeelslid in dienst was en voor de werkgever dezelfde werkzaamheden verrichtte. (129/79, 27 maart 1980, Macarthys/Smith)

Murphy/Telecom

Arbeid van hogere waarde dan maatman. Het beginsel van gelijke beloning heeft ook betrekking op een situatie waarin een werknemer arbeid van hogere waarde verricht dan degene die als vergelijkingsbasis dient. In dit geval verrichtte de vrouw arbeid van hogere waarde dan de (hoger beloonde) maatman. (157/86, 4 februari 1988, Murphy/Telecom Eireann)

Danfoss

Een beloningsstelsel moet doorzichtig zijn. Als niet duidelijk is volgens welke criteria wordt beloond en aangetoond kan worden dat vrouwelijke werknemers gemiddeld aanzienlijk minder verdienen dan mannelijke moet de werkgever bewijzen dat het salarissysteem niet discriminerend is. (HvJ 17 oktober 1989 (Danfoss), nr. 109/88, Jur. 1995, p. 3199 ev.)

Barber

Het beginsel van gelijke beloning heeft betrekking op elk onderdeel van het loon. (HvJ 17 mei 1990 (Barber), nr. 262/88, Jur. 1990, p. 1944 ev.)

Nimz

Te algemene argumenten zijn over het algemeen geen voldoende rechtvaardi­gings­grond. Dat bijvoorbeeld werknemers die ten minste driekwart van de arbeidstijd werken sneller bekwaamheden zouden verwerven dan werknemers die korter werken, is te generaliserend en onvoldoende reden voor een verschil in promotie naar een hogere loongroep. (HvJ 7 februari 1991 (Nimz), nr. 184/89, Jur. 1991, p. 297 ev.)

Bötel

Een regeling die bij de vergoeding van cursusuren van ondernemingsraadsleden onderscheid maakt tussen voltijders en deeltijders is niet toegestaan wanneer een groter aantal vrouwen dan mannen hierdoor benadeeld wordt en de regeling niet objectief gerechtvaardigd kan worden. (HvJ 4 juni 1992 (Bötel), nr. 360/90)

Enderby

Als een functie waarin bijna uitsluitend vrouwen werken duidelijk lager beloond wordt dan een gelijke waardige functie waarin praktisch alleen mannen werken, is sprake van discriminatie op grond van geslacht tenzij de werkgever het loonverschil objectief kan rechtvaardigen. (HvJ 27 oktober 1993 (Enderby), nr. 127/92, Rechtspraak Nemesis 1993 nr. 354)

Enderby

Een werkgever heeft een eigen verantwoordelijkheid: een “historisch gegroeid” loonverschil of het van toepassing zijn van verschillende CAO’s is geen excuus om mannen en vrouwen ongelijk te belonen. (HvJ 27 oktober 1993 (Enderby), nr. 127/92, Rechtspraak Nemesis 1993 nr. 354)

Danfoss

Criteria zoals opleiding of flexibiliteit mogen alleen leiden tot loonverschillen tussen mannen en vrouwen voor zover ze functioneel zijn voor het uitoefenen van de functie. (HvJ 17 oktober 1989 (Danfoss), nr. 109/88, Jur. 1995, p. 3199 ev.)

Specialarbejdetforbundet/Dansk Industri

Als bij een stukloonregeling de gemiddelde beloning van een groep werknemers die overwegend bestaat uit vrouwen die een bepaald soort arbeid verrichten aanzienlijk lager is dan de gemiddelde beloning van een groep werknemers die overwegend bestaat uit mannen die een ander soort arbeid van gelijke waarde verrichten, is dit onvoldoende om tot discriminatie op het punt van de beloning te concluderen. Indien echter bij een stukloonregeling onmogelijk kan worden nagegaan welke factoren bij de vaststelling van de tarieven of maatstaven bepalend zijn geweest, kan de werkgever worden verplicht aan te tonen dat de geconstateerde verschillen niet op discriminatie op grond van geslacht berusten. Deze bewijslast berust in zo'n geval ook bij de werkgever als de verschillende bestanddelen van de beloning via collectieve onderhandelingen zijn bepaald. (C-400/93, 31 mei 1995, Specialarbejdetforbundet/Dansk Industri)

Kording

Een regeling die inhoudt dat in geval van deeltijdarbeid van ten minste de helft van de normale arbeidsduur, de periode van beroepsactiviteit die leidt tot vrijstelling van een examen dat toegang verleent tot een bepaald beroep, met een overeenkomstige termijn wordt verlengd is niet toegestaan als deze bepaling een aanzienlijk groter aantal vrouwelijke dan mannelijke werknemers raakt. Tenzij de regeling haar rechtvaardiging vindt in objectieve criteria die losstaan van elke discriminatie op grond van geslacht. (C-100/95, 2 oktober 1997, Kording)

Thibault

Een regeling die een vrouw het recht ontzegt op een beoordeling en bijgevolg op een promotiekans omdat zij wegens zwangerschaps- en bevallingsverlof niet in de onderneming aanwezig was, is niet toegestaan. (C-136/95, 30 april 1998, Thibault)

Lewen

Een kerstgratificatie kan worden beschouwd als beloning in de zin van artikel 119 EG-Verdrag (thans artikel 141) ook al wordt zij door de werkgever vrijwillig betaald en voor­namelijk of uitsluitend als stimulans voor toekomstige arbeid en/of om de verbon­denheid met de onderneming te bevorderen. (HvJ 21 oktober 1999 (Lewen), C-333/97)

Schröder

De uitsluiting van deeltijders van een bedrijfspensioenregeling is een bij artikel 119 EG-Verdrag (thans artikel 141) verboden discriminatie, wanneer een aan­zienlijk grote percentage vrouwelijke dan mannelijke werknemers door deze maatregel getroffen wordt en deze niet wordt gerechtvaardigd door objectieve factoren die niets van doen hebben met discriminatie op grond van geslacht. (HvJ 10 oktober 2000 (Schröder), C-50/96, Jur. 2001, p. 743 ev.) 

Brunnhofer

Het beginsel van gelijke beloning moet ten aanzien van ieder afzonderlijk bestanddeel van de beloning verzekerd zijn. In geval van arbeid in tijdloon kan een verschil in beloning die aan twee werknemers van verschillend geslacht voor eenzelfde functie of gelijkwaardige arbeid bij hun aanstelling is toegekend, niet worden gerechtvaardigd door factoren die pas na de indiensttreding van betrokken werknemers kunnen worden vastgesteld of pas bij de uitvoering van de arbeidsovereenkomst kunnen worden beoordeeld, zoals verschil in de kwaliteit van prestaties. (C-381/99, 26 juni 2002 Brunnhofer)

Elsner/Land Nordrhein-Westfalen 

Een regeling die bepaalt dat zowel aan voltijdwerkers als aan deeltijdwerkers pas overuren worden uitbetaald als er meer dan vijf uur per maand wordt overgewerkt, levert indirecte discriminatie van deeltijdwerkers op, indien geen objectieve rechtvaardiging daarvoor wordt aangedragen. Bij procentuele vergelijking vormen de overuren voor een deeltijder een grotere belasting dan voor voltijders. (C-285/02, 27 mei 2004, Elsner/Land Nordrhein-Westfalen)






Meer dan 500 films van topwerkgevers op zoek naar jou! www.yourfuture.tv